Vietnam en Laos, een wereld van verschil......
Goed eindelijk mijn laatste verhaal, waar jullie natuurlijk al met smart op zaten te wachten. Was van plan hem al veel eerder te schrijven, maar door het ziek worden en overlijden van mijn oma heb ik het uitgesteld.
Het laatste verhaal ben ik geëindigd voor Dalat zag ik. Dalat, dat wordt omschreven als bergdorpje, was veel groter dan ik had verwacht en eigenlijk minder in de bergen gelegen dan ik had verwacht. Maar ik en mijn engelse reisgenoot, hebben daar twee dagen een scooter gehuurd en de omgeving was geweldig. Eén van de hoogtepunten was toch wel dat we ergens op een zandweggetje reden tussen plantages in en werden uitgenodigd door een man, die alleen maar “flowers” kon zeggen in het engels, om naar zijn bollen/ bloemen plantage te kijken. Deze plantage lag tussen de bergen, de vrouwen waren midden op het veld bezig bollen uit te zoeken en anderen zag je met rieten manden sjouwen. Een ander ding wat mee heel erg bij is gebleven, is dat we op een gegeven moment bij een marktje aankwamen, waar de vrouwen mij uitgebreid gingen bekijken en bediscussiëren (in het Vietnamees want engels konden ze daar (nog) niet). Die puntige neus vonden ze toch wel heel opmerkelijk, en die ogen, die waren toch wel erg groot en toen werd ik ook nog eens vastgepakt om even te voelen. Conclusie was dat hun neus veel te plat was en hun ogen veel te klein.
Na Dalat ben ik naar Nha Trang gegaan, de weg ernaar toe was geweldig: door de bergen over een weg die nog helemaal niet af was, waardoor we dus door de modder, zand, stenen etc. moesten. Nha Trang zelf, is eigenlijk gewoon een strandplaatsje met niet veel bijzonders. De volgende dag heb ik dan ook ’s avonds de nachtbus naar Hoi An genomen. Hoi An, een klein oud stadje langs een rivier. Een ander zal het toeristisch vinden, maar de kleine gekleurde huisjes, winkeltjes met gekleurde doeken (en waar je sandalen, schoenen en kleren op maat kan laten maken) etc. en de lampionnen maakten het voor mij erg sfeervol. De omgeving van Hoi An is ook super, gelegen op vijf kilometer van het strand, waar je met de fiets makkelijk heen kan en aan de andere kant My Son. We (ik en een Frans meisje) zijn op de scooter naar My Son (een soort kleine Ankor, Cambodja) gegaan. Waarschijnlijk was het net oogsttijd, want opvallend op de weg er naar toe waren de maïskorrels, pepers, pinda’s etc. die lagen te drogen op de stoep en in de tuinen, wat een erg kleurrijk gezicht gaf.
Na Hoi An zijn we naar Hué, de voormalig politieke hoofdstad, gegaan. In deze stad met een oud en een nieuw deel, gescheiden door een rivier, zijn voornamelijk de ruïnes van de Citadel en de Royal Tombs de moeite waard om te zien. Toen met de nachtbus naar Hanoi, waarvandaan ik een 2 daags tripje naar Halong Bay heb gemaakt. Halong Bay bestaat uit meer dan 3000 eilanden (meer een soort rotsen) waar je met een boot doorheen vaart. Toen ik er was, was het een beetje mistig waardoor je de rotsen niet goed kon zien, wat het eigenlijk wel heel mysterieus maakte. Vanaf Hanoi heb ik de nachttrein naar Sapa genomen. Als je Sapa binnenkomt vraag je je af waarom al die toeristen omringd worden door groepen vrouwen en kinderen van stammen uit omliggende dorpjes. Binnen een half uur weet je het en loop je er zelf ook zo bij. Ze proberen je te begeleiden naar één van de omliggende dorpjes of wat te verkopen. In Sapa was ik met een Engels stel waarmee ik de eerste dag naar CatCat, een dorpje in de Valei van Sapa, ben gelopen. Half begeleid door drie meisjes, waarvan één geweldig goed engels sprak (geleerd van toeristen vertelde ze) en veel wist te vertellen. Tot er een oudere vrouw bij kwam en ze dingen begonnen te verkopen…(eigenlijk best triest om te zien) Sapa is mooi gelegen in de bergen omringd door plantages, rijstvelden en kleine dorpjes. We hebben nog 1 dag een scooter gehuurd en we zijn op zondag (11 april!!) naar de populaire zondagmarkt in BacHa geweest. Hier zie je een andere stam met kleding in veel verschillende kleuren. In Sapa dragen de stammen voornamelijk zwart. De BacHa market was dus een kleurrijke en levendige bedoeling van souvenirstalletjes voor toeristen tot de foodstalletjes, met o.a. alle onderdelen van beesten (incl. varkenskoppen), groenten en fruit voor de locale bevolking. En natuurlijk niet te vergeten de ricewine (dat zo sterk is als likeur).
En toen de grensovergang naar Laos, eigenlijk al een verhaal apart. Van Sapa ben ik met een minivan (waar toevallig ook twee Nederlandse gasten in zaten, met een gezonde dosis Nederlandse humor) al hobbelend over nog niet afgemaakte zandwegen, door de bergen en bergdorpjes, naar Dien Bien Phu gereden. Ze waren op zeker 20 verschillende plaatsen aan deze weg aan het werken, waar ook speciaal dorpjes waren gebouwd, erg indrukwekkend om te zien. De volgende dag van Dien Bien Phu in een andere minivan geschikt voor een mannetje of 15, met zeker 30 man (en het werden er steeds meer) en zeker 20 zakken met eten, naar de grens. Waar we net voor de grens de bus uit moesten, omdat de weg afgesloten was tussen bepaalde tijden. Het laatste stuk naar de grensovergang van Laos moesten we lopen, door het zand. Na de grensovergang werden we verwelkomd door stof, heel veel stof en natuurlijk sloten de ramen,de deuren en de vloer van het busje niet goed, dus kwam het door alle kieren zetten. Zo kwamen we wit van het stof aan in Muang Khua, waar we verwelkomd werden door watergevechten, want na het Balinese nieuw jaar heb ik ook het nieuw jaar van Laos mee mogen maken. Hier doen ze geen drie dagen ceremonies, maar drie dagen van watergevechten, eten en bier, heeel veeel bier (de straten, zelfs in de kleinste dorpjes, zien geel van de kratten Beer Lao). Laos is super mooi, je doet over 100 km soms wel 5 uur, maar de wegen door de bergen, de kleine dorpjes waar mensen nog in houten of rieten huisjes wonen (máár wel met schotel en scooter) en waar ze allemaal naar de bus staan te staren die langskomt en de marktjes waar de mensen uit de bus nog even gaan shoppen, maken dat er genoeg te zien valt onderweg. In Udomxai heb ik afscheid genomen van mijn “grensovergangmaten”, zij gingen alvast naar Luang Prabang, ik ben de volgende dag naar Luang Nam Tha, gegaan, waar ik wat van het National Park wilde zien. Maar alles was uitgestorven daar, iedereen was met familie het nieuw jaar aan het vieren. Zo werd ik ook uitgenodigd door een familie. Voor ik het wist kreeg ik een glas bier in mijn hand gedrukt, chopsticks en een lepel om te eten en was ik zeiknat van het water en wit van de menthol poeder (ook traditie) en stond ik met opa op jawel karaoke muziek (de trots van Azië) te dansen. Toen naar Luang Prabang, een erg leuk stadje, heel sfeervol met veel tempels en een leuke avondmarkt. Hier twee jongens die ik al in Vietnam ontmoet had weer tegengekomen en met één van hen met de mountainbike 28km heen én terug naar een waterval gefietst. Was pittig maar zeker de moeite waard.
De laatste week was erg dubbel door het bericht wat ik kreeg over oma. Ik ben naar Vang Vieng geweest, wat bekend staat om zijn “tubing”. Langs de rivier zijn allemaal barretjes gemaakt waar je heen kan tuben of gewoon zwemmen, er zijn allemaal slingers, kabelbanen etc. gemaakt en in het centrum kan je al hangend op de matrasjes 'Friends' kijken. Wie dit ooit bedacht heeft?! Goed ik voelde me er niet echt lekker bij, om hier helemaal los te gaan dus ben ik (wat ik ook al van plan was) met bus, nachtbus, bus, boot naar Si Phan Don (beter bekend als the 4000 Islands) helemaal in het zuiden van Laos gegaan. Geweldig mooie, relaxte omgeving. Zelf zat ik op Don Det en ben ik een dagje met twee stellen naar o.a. de waterval op Don Khon (het eiland ernaast) gefietst. Op de eilanden leeft iedereen langs het water, het midden is droog, dor en niet bebouwd. Ik heb hier drie dagen gezeten, eerst wel even lastig om na zes maanden heel veel doen, ineens rustig in je hangmat op je balkon te liggen, maar ook een erg goede afsluiting.
Toen begon ik op 25 april aan mijn terugreis via Pakse over de grens naar Ubon Ratchathani (in Thailand). Toen we weer eenmaal in Thailand met zijn grote gebouwen, warenhuizen en 4-baans wegen, waren, merkte ik pas echt hoe primitief Laos nog eigenlijk is. De 27e heb ik
‘s ochtends het vliegtuig naar Bangkok genomen (om de onrust in de stad te ontlopen) en ben ik ‘s avonds naar Frankfurt gevlogen. Woensdagmiddag de 28e kwam ik na bijna 6 maanden weer in het vertrouwde Rotterdam aan.......
Reacties
Reacties
he maaike,wat naar van je oma.gecondoleerd nog en dan ben je zover.Nu ben je al bijna weer 2weken thuis,zal wel wennen zijn na 6 maanden.Maar je hebt het helemaal afgemaakt knap van je.En nu????Wij zitten de laatste weken in Filipijnen,een aanrader als je weer eens weggaat.We hoppen van plaats naar plaats met plane,boot en jeepnee.Morgen naar de laatste plaats op Palawan en daarna nog 10dagen naar Coron.De 4e juni vliegen we naar Amsterdam en komen de 5e aan.Doe ook de groetjes aan Tim.Veel groetjes Marjan
he Maaik, super om het laatste deel van je reis zo mee te lezen! Foto´s zijn prachtig en .....Vietnam natuurlijk heel herkenbaar, roept mooie herinneringen op. En gatsie dat jongetje met die rat.....en die kop op die tafel....
Vinden het natuurlijk fijn dat je nu zo dichtbij bent maar ook apetrots dat zo´n ervaring deels helemaal alleen hebt ondernomen!! Kus
......allereerst gecondoleerd met jullie oma....
Jeetje wat een verhaal weer....erg leuk om te lezen en leuke foto's......was erg kud toen je hierheen kwam zeker....alles weer erg wennen....nieuwe plannen?
Nu eindelijk weer een zonnetje in het kikkerlandje.....welkom terug en wie weet tot ziens!
Gr
Hey Maaike,
Leuk verhaal! Was een mooi tocht, al waren wij het wel zat 's avonds in Luang Prabang. Rot van je oma, veel sterkte daarmee en groetjes!
hey maaike!
Gecondoleerd met jullie oma!
Erg leuk om te zien dat Merel en ik op een aantal dezelfde plekken zijn geweest in laos :)
mooie foto's!
x
Nog Gecondoleerd van je Oma
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}